Ketentesten in Supportbook: zo laat je processen naadloos op elkaar aansluiten

2 min

Waarom-testen-2-1-1

In de praktijk van testen zie je het vaak: processen die zó in elkaar grijpen dat je pas iets kunt testen als het vorige onderdeel succesvol is afgerond. Denk aan het doorlopen van een patiëntinschrijving, het verwerken van een declaratie of het afronden van een zorgtraject. Het heeft dan geen zin om test 5 al te starten als test 3 nog niet eens gedaan is. Enter: de ketentest (of zoals we het in Supportbook noemen: een ketenrun).

Met een ketentest test je de hele keten, stap voor stap, in de juiste volgorde. Zo weet je zeker dat alles goed op elkaar aansluit. Geen losse flodders, maar een gestructureerde testrit.

Wat is een ketenrun in Supportbook?

Een ketenrun is een testrun waarbij de volgorde van de uit te voeren tests/scripts leidend is. Elk testgeval komt pas beschikbaar zodra de vorige afgerond is, ook al is de volgende testgeval voor een andere groep om te testen. Superhandig voor scenario’s waarin processen logisch in elkaar overvloeien – denk bijvoorbeeld aan declaratieprocessen, intakeflows of gegevensoverdrachten tussen applicaties.

In Supportbook kun je eenvoudig ketenruns opzetten én beheren. Hieronder leggen we je stap voor stap uit hoe dat werkt.


Zo werkt een ketenrun in Supportbook

1. Ketenrun aanmaken

Een ketenrun maak je aan via het tabje ‘Trajecten’ → kies een traject → klik op Nieuwe run toevoegen.
Zet in stap 1 van de wizard de optie ‘Ketenrun’ op Ja. De wizard verandert automatisch:

  • Het tabblad Releasenotes verdwijnt
  • Het tabblad Keten scope verschijnt
  • Scripts worden voortaan in vaste volgorde uitgevoerd

Je vult de rest van de run verder in zoals je gewend bent: componenten, scripts, testgroepen, rollen, etc.

2. Keten opbouwen in ‘Ketenbeheer’

Na het aanmaken van de run, kom je direct in het scherm ‘Ketenbeheer’. Hier bepaal je de volgorde van je testscripts:

  • Klik op Keten toevoegen
  • Sleep scripts in de juiste volgorde
  • Geef je keten een naam en omschrijving
  • Klaar? Klik op opslaan

Je kunt meerdere ketens toevoegen binnen één run, bijvoorbeeld per processtroom.

3. Testgevallen toewijzen

In het menu Toewijzen & beheer wijs je testgroepen of testers toe.
Je ziet hier ook direct aan de kleurcodes in welke keten elk testscript valt. Handig!

  • Blauw poppetje = al gekoppeld
  • Wit poppetje = nog te koppelen
    Koppelen kan individueel of in bulk.

Wat ideaal is aan een ketenrun is dat je afhankelijkheden kan bepalen tussen verschillende testgroepen.

4. Publiceren en testen maar!

Is alles goed ingesteld? Dan kun je de ketenrun publiceren of inplannen. Testers krijgen automatisch een mailtje zodra zij aan de beurt zijn. De keten bepaalt wie wanneer mag testen, pas als de vorige stap is afgerond, komt de volgende beschikbaar.

5. Keten onderbreken of hertesten

Moet je iets aanpassen of is er iets misgegaan? Geen probleem. Je kunt de keten:

  • Afbreken
  • Hervatten
  • Hertesten vanaf een bepaald punt
    Let op: bij ketenruns kun je géén hertest aanbieden vanuit een bevinding, in tegenstelling tot standaardruns.

6. Testen als tester

Voor testers ziet een ketentest er net iets anders uit dan een gewone run. In het scherm zie je:

  • Links: de ketens, met uitgevouwen keten waarin jij test
  • Rechts: de testgevallen in volgorde
    Je kunt alleen testen wat op dat moment beschikbaar is – de rest blijft nog grijs tot je aan de beurt bent.

Tot slot: waarom ketentesten onmisbaar zijn

Een ketenrun helpt je realistische tests uit te voeren, net als in het echt. Zo ontdek je waar de ketting mogelijk breekt, en voorkom je verrassingen in productie.

Zelf aan de slag met ketentesten? Duik in je trajecten in Supportbook!

Table of Contents